NALATENSCHAP

Als u uw nalatenschap of een deel daarvan wilt bestemmen voor een goed doel zoals Kinderhotel Burcht Wedde, is daar een testament voor nodig dat is opgemaakt door een notaris. Als u besluit een deel van uw nalatenschap te bestemmen voor Kinderhotel Burcht Wedde dan is het goed om te weten dat een erkend goed doel geen erfbelasting is verschuldigd over de baten uit nalatenschappen. Daarbij maakt het niet uit of de baten bescheiden of omvangrijk zijn en of het nu gaat om een legaat of een erfstelling.

U kunt Kinderhotel Burcht Wedde op twee manieren opnemen in uw testament.

  • Als legataris
  • Als erfgenaam

Legataris


Als u het Kinderhotel Burcht Wedde benoemt tot legataris, dan bepaalt u dat het Kinderhotel Burcht Wedde uit uw nalatenschap een legaat ontvangt. Dat is een specifiek omschreven bedrag of goed. Als het gaat om een materieel goed, dan wordt dat verkocht en komt het geld ten goede aan Kinderhotel Burcht Wedde.

Erfgenaam


Bij een erfstelling kunt u in uw testament bepalen dat Kinderhotel Burcht Wedde, alleen of samen met anderen, erfgenaam van uw nalatenschap wordt. U kunt zelf bepalen op welk percentage van uw nalatenschap een erfgenaam straks recht heeft. De wet ziet erfgenamen juridisch als opvolgers van de overledene. Ze erven de lusten én de lasten. Een erfgenaam is dus ook aansprakelijk voor de schulden van de overledene. Om te voorkomen dat Kinderhotel Burcht Wedde als erfgenaam aansprakelijk wordt gesteld voor schulden die groter zijn dan de baten van de nalatenschap, is de stichting, zoals de meeste goede doelen, statutair verplicht om nalatenschappen alleen beneficiair te aanvaarden. Dit betekent dat de nalatenschap alleen aanvaard hoeft te worden als Kinderhotel Burcht Wedde er daadwerkelijk geld aan overhoudt. Voor het opmaken van een testament moet u naar een notaris. Indien u het wenst, kunnen de notariskosten met betrekking tot de gift door ons worden vergoed. Dit is mogelijk met hulp van een externe sponsor.

Voor meer informatie kunt u ons mailen: info@burchtwedde.nl

JANNEKE: Zitten we in de Hemel hier?